Skip to main content

Niets is wat het lijkt




Het is een uur of 9 ’s avonds. De telefoon gaat over en ik hoor aan de stem dat ik een jonge vrouw aan de lijn heb. ‘Mijn man gaat dood’, zegt ze heel resoluut. Ik wacht met het stellen van verdere vragen omdat ik voel dat er meer aan de hand is. ‘Ja, of hij is eigenlijk dood, maar ook nog niet echt.’ Haar man wordt machinaal in leven gehouden omdat hij zijn organen gaat doneren. ‘Hij is dus hersendood, maar nog niet
officieel overleden. Morgen gaat het gebeuren’, vertelt ze.

De volgende dag kom ik bij haar thuis. Ze is inderdaad een jonge vrouw. Om haar heen dartelt een klein meisje van 1,5 dat vrolijk aan het spelen is. Ze heeft geen weet van de situatie van haar vader. De zwager van de jonge vrouw is bij haar. Hij helpt haar bij het regelen van de uitvaart. Ze doet ogenschijnlijk koel, dat ik me op een gegeven moment afvraag waar de warmte in dit gezin zit. Maar als ik haar een dag later alleen tref om de kaarten te laten zien, zie ik een vrouw die duidelijk gebroken is. Ze toont me voorzichtig haar kwetsbaarheid. Ze is gedreven een
passend en waardig afscheid te realiseren voor haar man die zo plotseling uit het leven werd gerukt. Ruimte voor haar eigen emoties is er nu niet - ze cijfert die volledig weg. Aan het eind van de week vertelt ze me dat zodra dat kleine meisje slaapt zij breekt - dat alle tranen dan komen. Elke avond weer. Maar overdag stapt ze weer in de rol van de zorgende moeder. Dat is ze haar dochter, maar ook haar man verplicht. Zo voelt zíj dat tenminste.

Op de dag van de uitvaart staat de jonge vrouw met het kleine handje van haar dochter in haar hand bij het graf. Als de kist in het graf daalt, valt één traan op haar wang. In die ene traan zit zo enorm veel verdriet. Sommige mensen kiezen ervoor niet iedereen hun verdriet te laten zien of zich open te stellen, of kunnen dat simpelweg niet. Maar dat betekent niet dat het verdriet er niet is. Het is vaak groter dan wat jou als buitenstaander wordt getoond.